Dat het succes van een duurzaam initiatief lang niet altijd vanzelfsprekend is, tegenslag soms onoverkomelijk lijkt, maar dat wie goed doet uiteindelijk toch goed ontmoet, bewijst Sivan Breemhaar van modemerk Afriek. Afriek staat voor een inspirerende collectie van gedurfde handgemaakte kleding, gemaakt samen met getalenteerde kleermakers uit Rwanda.

In 2013 richt Sivan Breemhaar als jonge ondernemer Afriek op. Ze is op dat moment voor haar master Conflict Studies in Kigali, Rwanda. Aanleiding voor haar om juist daar en op dat moment een eigen onderneming te starten is in eerste instantie een persoonlijke: ‘Ondanks mijn studie en mijn achtergrond moest ik voor mezelf bekennen dat mijn beeld van Afrika op voorhand niet klopte. De problemen die het continent teisteren en alle lokale problematiek had men toch wel een beetje aan zichzelf te danken, redeneerde ik onwillekeurig en arrogant. Dat onterechte gevoel van westerse superioriteit, ook bij mijzelf, zélfs bij mij, daar schrok ik enorm van.’ 

Ze beseft dat ze hier iets aan kan doen en richt samen met gelijkgestemde Kars Gerrits modemerk Afriek op. Hun missie: meer gelijkheid in de wereld en daarbij het heersende, onjuiste beeld dat mensen vaak hebben van Afrika veranderen met eerlijk geproduceerde, kleurrijke fashion van superieure kwaliteit. 

Slow fashion en een strikt zero-wastebeleid

En met succes. Waar Breemhaar en Gerrits hun interculturele samenwerking met vier lokale kleermakers begonnen, runt Afriek al snel een atelier in Kigali waar veertien vaste medewerkers de kleding op bestelling produceren. 

Produceren op bestelling is een bewuste keuze: een strikt zero-wastebeleid is een belangrijke pijler onder het succes van Afriek en het duurzame karakter van de kledinglijn. In de modewereld wordt dit slow fashion genoemd en het geeft de kleding van Afriek een nog exclusiever karakter. In een wereld waarin weggooien bovendien eerder regel dan uitzondering is (in de mode is gemiddeld 30% van de materialen afval) worden bij Afriek ook restanten niet afgedankt maar verwerkt tot kleinere items zoals vlinderdassen en hoofddoeken. Goedkoop is de kleding van Afriek dan ook niet. Het is wél representatief voor wat een kledingstuk in feite zou moeten kosten wil iedere schakel in de keten onder goede omstandigheden een eerlijke boterham verdienen. Het zou eigenlijk de standaard voor ieder kledingstuk moeten zijn. 

So far so good...

Tot zover is het verhaal van Afriek een schoolvoorbeeld van een succesvol duurzaam initiatief. In Kigali genieten veertien medewerkers van een gezonde werkplek en een eerlijk inkomen terwijl het eindproduct wereldwijd gretig aftrek vindt. Breemhaar en Gerrits lijken hard op weg de missie van Afriek te laten slagen. En toch gaat het mis. En wel als Afriek wordt aangeklaagd voor plagiaat door een grote producent van Afrikaanse stoffen en dessins. Breemhaar: ‘De textielmarkt is een behoorlijk ondoorzichtige industrie, de herkomst van stoffen en materialen is moeilijk te herleiden en ik kon niet hard maken, hooguit aannemelijk, dat de stoffen die ik op lokale markten kocht geen (vaak Chinese) kopieën zouden zijn van originelen.’

Schulden omvormen tot een kans

‘Hier waren we totaal niet op voorbereid,’ vervolgt Breemhaar, ‘al onze energie en resources zaten in Afriek. We moesten stoppen met de verkoop en productie van onze kleding terwijl we tegelijkertijd met enorme schadeclaims werden geconfronteerd.’ Het resultaat na een korte maar uitputtende periode: een werkloos atelier in Kigali, een webshop op non-actief en een gigantische schuldenlast. 

De uitputtingsslag leidt er bovendien toe dat Gerrits in 2018 besluit om, in goede verstandhouding, uit Afriek te stappen. Breemhaar komt voor een persoonlijke keuze te staan: doorgaan of stoppen? Ze besluit niet op te geven maar zal eerst moeten afrekenen met de financiële en operationele gevolgen van de situatie waarin Afriek is beland. Breemhaar: ‘Om een begin te maken met het afbetalen van de schulden en niet kopje onder te gaan heb ik een baan genomen in de horeca en ben ik parttime aan de slag gegaan bij het PR-bureau waarmee ik voor Afriek samenwerkte. Steeds voor ogen houdend hoe ik Afriek weer up and running zou gaan krijgen. Dit hele proces was ook een kans, redeneerde ik, maar hoe ik het precies moest gaan aanpakken wist ik nog niet.’  

Ik hield steeds voor ogen hoe ik Afriek weer up and running zou krijgen; dit proces was ook een kans.

Een oplossing uit onverwachte hoek

Een oplossing komt vervolgens vrij onverwacht maar uit bekende hoek: Kars Gerrits is inmiddels als Programma-adviseur aan de slag bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en wijst Breemhaar medio dit jaar op de mogelijkheid om een kapitaalinjectie te krijgen van RVO, voor haar duurzame initiatief. ‘Dat, in combinatie met het feit dat ik een vrouwelijke ondernemer ben, bleek voor RVO een belangrijk speerpunt te zijn bij het verstrekken van subsidie,’ legt Breemhaar uit. Het verbindende werk van Gerrits zorgt ervoor dat Breemhaar op een financiële injectie, in de vorm van een lening ‘onder vriendelijke voorwaarden’, kan rekenen waarbij de schuldenlast kan worden weggepoetst en er een begin kan worden gemaakt met de wederopbouw van Afriek.  

Rwanda: vruchtbare grond voor duurzame initiatieven

Onlangs vertrok Breemhaar opnieuw naar Rwanda, om er voor een aantal maanden te blijven en vanuit de Impact Hub in Kigali aan de herstart van Afriek te werken, samen met productiemanager Joseph. Breemhaar: ‘We gaan uitzoeken hoe we onze stoffen volledig in eigen beheer kunnen produceren, gemaakt van biokatoen en gekleurd met biologische verf. Dat is nog wel een uitdaging, maar ik weet zeker dat het gaat lukken. Rwanda is een fantastisch land met een vruchtbare bodem voor ons duurzame initiatief,’ legt ze uit. ‘Dit land loopt gigantisch voor op het gebied van duurzaamheid. Zo hebben ze autoloze zondagen, zijn plastic tassen allang verleden tijd en wordt er iedere maand collectief schoongemaakt. Ook op sociaal vlak kunnen we een voorbeeld aan ze nemen. Hun gevangenissysteem is volledig gericht op re-integratie en ze hebben verhoudingsgewijs de meeste vrouwen in de politiek van alle landen ter wereld. Dat is toch geweldig?’ 

De wereld kan een voorbeeld nemen aan het duurzame en sociale Rwanda.

Over de toekomst van Afriek besluit Breemhaar: ‘Ik hoop dat we in het voorjaar van 2020 voorzichtig met een nieuwe collectie kunnen komen. Het idee is nu om door middel van pre-orders, een soort crowdfunding dus eigenlijk, te kunnen starten met produceren van de eerste items en tegelijk nieuwe investeerders aan te trekken om te groeien. We willen weer de positieve impact creëren die we hadden, voor de mensen hier, in Kigali, in Afrika, en thuis in Nederland, in Europa.’