Als je dit leest, ben ik aan de andere kant van de wereld. In Quito, Ecuador, om precies te zijn, waar ik de VN-bijeenkomst Habitat III bijwoon. Hier draait het bijna een week lang alleen maar om de ontwikkeling van steden wereldwijd. Tijdens deze conferentie tekenen de landen van de Verenigde Naties er de ‘New Urban Agenda’, de gids voor stedelijke ontwikkeling voor de komende 20 jaar. En in de aanloop naar deze conferentie komen mensen vanuit landelijke overheden, steden, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties hier samen om kennis te maken, ervaringen uit te wisselen en oplossingen voor hele specifieke uitdagingen te delen. En die aandacht voor steden is meer dan terecht.

Deze VN-bijeenkomst, die maar eens in de 20 jaar plaatsvindt en de stad in het hart van de wereld plaatst, is uniek en dat alleen al is een mooie reden om ernaartoe te gaan. Maar ik ben er vooral omdat dit simpelweg dé plek is waar niet alleen de visie voor de komende jaren wordt bepaald, maar waar ook de actiegerichtheid van steden zelf, van het bedrijfsleven en van inwoners zichtbaar wordt gemaakt. Dat maakt het dus voor iedereen interessant die zich op wat voor manier dan ook bezighoudt met het creëren van die gezonde, veilige en veerkrachtige steden.

Ik zie de stedelijke omgeving als de plaats van innovatie, ondernemerschap, creativiteit, samenwerking en economische kansen. Meer dan 70% van het wereldwijd bruto nationaal product komt uit de stad. Maar natuurlijk is een stad ook rijk aan uitdagingen. Ten tijde van de eerste Habitat woonde ongeveer een derde van de wereldbevolking in de stad. Inmiddels is dat meer dan de helft  en neemt het percentage nog verder toe, tot naar schatting 70% in 2050. Tegelijk groeit ook de wereldbevolking fors. In 2050 wonen naar schatting 6,5 miljard mensen in stedelijk gebied. Bijna 90% van de groei vindt plaats in Azië en Afrika. Ook het aantal megasteden, met meer dan 10 miljoen inwoners, zal in de komende jaren flink toenemen, van 28 in 2014 naar 41 in 2030. Steden ervaren wereldwijde uitdagingen als eerste op lokaal niveau. Dat alles vraagt om een enorme oplossingsgerichtheid; we willen tenslotte dat deze steden daadwerkelijk leefbaar, gezond en duurzaam worden en blijven. 

En dat is ook wat ik in de nieuwe agenda teruglees en wat ik op Habitat III merk.

De New Urban Agenda geeft aan wat we moeten doen om te zorgen dat steden gezond, leefbaar en veerkrachtig zijn voor iedereen.

‘New Urban Agenda’
Zoals gezegd: de nieuwe agenda voor stedelijke ontwikkeling (New Urban Agenda) van de VN speelt de hoofdrol tijdens Habitat III. Het is de bedoeling dat de deelnemende landen het concept van de Quito-declaratie ondertekenen dat in september 2016 gepubliceerd is en intussen is aangescherpt.

Inmiddels zijn we toe aan de derde conferentie en agenda. In 1976 vond de eerste plaats, 20 jaar later de tweede in Istanbul. Het belang van leefbare steden is in de loop der jaren aanzienlijk groter geworden en wordt nog veel groter door de trek naar de stad. Daarnaast vragen zaken als klimaatverandering om een duidelijke aanpak op korte termijn. De vorige agenda concentreerde zich op een verbetering van de levenskwaliteit in de stad: in het bijzonder adequate huisvesting voor alle inwoners en duurzame menselijke nederzettingen. De nieuwe agenda richt zich meer dan de voorgangers op sociale betrokkenheid en duurzaamheid, en erkent ook dat steden de drijvers zijn van economische én sociale ontwikkeling.

Een agenda wérkt
Net als bij de Millenniumdoelen, valt me op dat er weinig bekend is over het succes van de eerdere agenda’s. Een gemiste kans want succes stimuleert om verder te gaan. Het is motiverend om te weten dat in de tussentijd meer dan 100 landen het recht op die adequate huisvesting in hun wetgeving hebben opgenomen. Dat de kwaliteit van leven in de steden over het geheel genomen is toegenomen. Dat het maken van afspraken, leidt tot actie op die vlakken waar dat hard nodig is.

Natuurlijk is in twintig jaar tijd niet alles opgelost. En ondertussen zijn er dringende zaken bijgekomen. Steden, in het bijzonder de steden in delta’s en aan kustgebieden, voelen onevenredig zwaar en direct de gevolgen van klimaatverandering, terwijl hun inwoneraantal alleen maar groeit. Ze voelen als eerste hoe sterk de migratiestromen momenteel zijn en moeten hier onmiddellijk oplossingen voor verzinnen. Ze merken hoe thema’s als energie, grondstoffen, water, maar ook gelijke kansen, economische groei en onderwijs, vragen om actie.

In 2050 leeft twee derde van de wereldbevolking in stedelijk gebied.

Die vraagstukken verschillen lokaal, maar zijn wereldwijd gezien vergelijkbaar. En juist daarom is het ook logisch dat de Verenigde Naties, het enige mondiale ‘bestuur’ dat we kennen, zich zo hard maakt om van die steden leefbare plekken te maken. Door een gezamenlijke agenda te bepalen en een platform te zijn. Dat doen ze niet alleen door landen met elkaar te laten praten. Juist ook door steden, bedrijven, maatschappelijke instellingen en andere betrokkenen met elkaar in contact te brengen, ontstaat beweging.

Inhoudelijk sluit de agenda naadloos aan bij de Werelddoelen. Sterker nog, in deze Global Goals for Sustainable Development zijn de vraagstukken van de stad opgenomen in een specifiek doel om steden en bevolkte gebieden veilig, veerkrachtig en duurzaam te maken. Die sterke samenhang is er ook met het klimaatverdrag in Parijs.

Maak de stad
De New Urban Agenda zet de lijnen uit voor een wereldwijde strategie voor urbanisatie in de komende twintig jaar. De hoofdlijnen van deze ‘gids’ geven, samen met de Werelddoelen, een heldere richting aan wat we moeten doen om te zorgen dat steden gezond, leefbaar en veerkrachtig zijn voor iedereen.  Of je nu als inwoner, bouwer, beheerder, ondernemer of onderzoeker je bijdrage kunt leveren: laten we de New Urban Agenda aangrijpen om samen die steden te ‘maken’. In Nederland en vooral ook daarbuiten!
Anne-Marie Rakhorst